Het ministerie van VWS dreigt geld in mindering te willen brengen op het
gemeentelijk macrobudget voor Jeugd en Wmo. Aanleiding: cijfers over het
AWBZ-gebruik in 2014. De VNG verzet zich tegen deze nieuwe
bezuinigingen.
Gemeenten en hun inwoners mogen niet opdraaien voor tekorten die zij niet
zelf gecreëerd hebben.
Rust en stabiliteit
Burgers en gemeenten hebben behoefte aan rust en stabiliteit. Dat bereik je niet door na amper drie maanden na het van kracht worden van de decentralisaties in een lopend jaar de budgetten te verkleinen. Gemeenten hebben voor 2015 contracten getekend, om zorgcontinuïteit te garanderen voor cliënten. We vragen de staatssecretaris ook zijn verantwoordelijkheid te nemen voor de continuïteit van zorg.Spelregels
Het budget voor Jeugd en Wmo is onderdeel van het gemeentefonds. De spelregels voor het gemeentefonds zijn vastgelegd in de Financiële verhoudingswet (Fvw), deze wet bepaalt dat een budget kan wijzigen om drie redenen:- tweezijdige bestuursafspraken
- indexatie
- taakwijzigingen
Basisjaar
Waarom is gekozen voor 2013 in plaats van 2014 als basisjaar?- Een jaar vlak voor een grote stelstelwijziging geeft een vertekend beeld: er doen zich voorsorteereffecten voor en anticiperend gedrag van bijvoorbeeld cliënten en aanbieders. Daarmee is 2014 dus geen goede voorspeller voor de structurele zorgbehoefte.
- De VNG en gemeenten hebben bewust gekozen voor 2013 als basisjaar omdat gemeenten sinds de aankondiging van de stelselwijzigingen niet hebben stilgezeten.
- In de jeugdhulp bijvoorbeeld hebben gemeenten samen met de voormalige uitvoerders al op diverse manieren bijgedragen aan meer preventie, vermindering van instroom in zware zorg, en meer ambulantisering. Dit was een manier om een deel van de forse efficiencykortingen op te vangen. Als het kabinet dat afroomt, zou de efficiencykorting dus voor dat deel twee keer worden opgelegd!
Overige argumenten:
- Gemeenten hebben het geld voor 2015 al vastgelegd via inkoopafspraken. Het getuigt van onbehoorlijk bestuur om budgetten voor het lopende jaar opnieuw ter discussie te stellen. En in veel gevallen hebben gemeenten voor meer dan één jaar inkoopafspraken gemaakt, dus ook voor 2016.
- Het feit dat de Wlz in 2014 gegroeid is, betekent dat er nog meer - niet minder - investering nodig is in de gemeentelijke zorg en begeleiding.
- We zien in de AWBZ-realisatiecijfers 2014 geen hard verband tussen verminderde uitgave voor Jeugd- en Wmo-doelgroepen en de stijging bij de Wlz-doelgroep. Dat het kabinet een budgettair probleem heeft op de Wlz betekent niet dat dit neergelegd moet worden bij gemeenten. (vng.nl)


