Aangepast zoeken

zondag 1 maart 2015

Column: Politieke cultuur in Zoetermeer is zo rot als een mispel

Er komen nu weer nieuwe voorstellen voor het spreekrecht en voor de zoveelste keer wordt getracht de onvrede in de plaatselijke gemeenschap te bezweren. Maar dit lost geenszins het aloude, overbekende en veel dieperliggender probleem op, namelijk het defensieve en lichtgeraakte gedrag van veel raadsleden en bestuurders. Als het hen even niet bevalt, als de toon niet precies goed is of als de inhoud buiten hun comfortzone valt, dan negeren ze burgers/groepen simpelweg, lopen ze theatraal weg uit vergaderingen of gaan ze lokale media zelfs vragen fora te sluiten (ja, je verzint het niet). Het heeft allemaal te maken met de manier waarop deze raadsleden en bestuurders in het leven staan. Ze wanen zich vanuit een misplaatst superioriteitsgevoel en opgezwollen ego heer en meester in het besturen van de stad, zijn uiterst conservatief als het gaat om moderne burgerparticipatie (ondanks hun verkoopverhalen) en zijn angstig en onzeker over het behoud van hun macht, positie en aanzien. Het zijn de nadagen van mensen die een eigen wereld hebben gecreëerd waaraan ze eigenwaarde ontlenen en hun belangrijkheid aan ophangen. En iedere persoon van buiten die dit fenomeen blootlegt en aanvalt, wordt al gauw beschouwd als vijand of persona non grata.
Daarnaast zijn er natuurlijk de avonturiers en de tijdverdrijfzoekers. De eerste categorie denkt garen te spinnen bij het raadlidmaatschap, de ander vult er zijn oude dag mee. En voor een aantal zal zelfs ook de kleine vergoeding een welkome aanvulling zijn. In slechts een gering aantal gevallen is sprake van oprecht idealisme, van echte betrokkenheid en van belangstelling voor de inhoud. Waarbij sprake is van werkelijke interesse in de burger en hun welzijn en welbevinden, ook als dat ten koste gaat van een instituut dat dringend aan modernisering toe is. Daarom ook zijn er maar weinigen die schurende opvattingen en frontale kritiek niet negeren of hautain afwijzen, maar juist omarmen en tot zich door laten dringen.
De lokale politiek – of de politieke in het algemeen – is een op zichzelf staand instituut geworden, losgezongen van de werkelijkheid en van de burger. Natuurlijk, toegeven zullen en kunnen ze dit nooit en hun sleetse en uiterst vermoeiende mantra “want we zijn er voor de burger!” zal nooit verdwijnen, maar een groot en groeiend deel van de mensen dat dit systeem van buiten beziet weet inmiddels beter en bekijkt het meewarig. Vaak zullen ze deze lieden nog wel beleefd ontvangen en aanhoren als ze langskomen met hun stoeterij. De burgemeester of de wethouder die een bezoekje brengt aan een of andere opening of start van een happening. Maar dat is vooral vanuit direct en welbegrepen eigenbelang, want zodra de deur weer dicht is halen ze hun schouders op over de politiek en lopen ze er het liefst met een grote boog omheen. De bezoekende bestuurders en politici interpreteren de begroetingen die zij ervaren als instemming met hun positie, hun wezen, hun gezag, maar ze vergissen zich natuurlijk op een ongelooflijke manier. Alleen al de aanhoudende en groeiende stroom aan integriteitsschandalen mist zijn uitwerking niet en is een symptoom van hetzelfde probleem. Tegelijkertijd blijven ze elkaar voortdurend schouderklopjes geven en delen ze steeds bloemetjes uit als een raadslid weer eens een nieuwe positie krijgt of een streep op het pak erbij. Het is werkelijk deerniswekkend om te zien. Of wat te denken van de onophoudelijke stroom aan goed-nieuws tweets en hosannaverhalen, waarvan ze werkelijk denken dat er mensen zijn die dit met bewondering volgen.   
Er is helaas geen makkelijke oplossing, want het systeem zal niet zomaar omvallen en er zullen altijd nieuwe opgezwollen ego’s en avonturiers opstaan die vrijvallende posities innemen. Daarom ook bevinden we ons in een transitieperiode waarin parallelle systemen ontstaan, veel meer en directer geïnitieerd vanuit de burgerij. Als dit doorzet en succesvol is, zal het oude systeem als vanzelf zijn (cosmetische) meerwaarde verliezen en wegkwijnen. Een slang die zijn oude huid afwerpt. Maar tot die tijd hebben we te maken met dinosauriërs, met meer ego dan inhoud, met meer theater dan oplossingen, met meer geldingsdrang dan bescheidenheid, met meer incompetentie dan deskundigheid en – vergeet dit niet – met meer populisme dan principes.
En welke verandering zij ook aanbrengen in het spreekrecht en in de burgerparticipatie, bovenstaande zal elke serieuze poging om de kloof tussen burger en politiek te dichten doen mislukken. Het is namelijk de politieke cultuur die zo rot is als een mispel, niet de instrumenten die te pas en te onpas worden verzonnen.   
Tom abel

NOS NIEUWS

OMROEP WEST

RTL Nieuws