Aangepast zoeken

donderdag 26 september 2013

Radicale moslims in Zoetermeer

Gedurende de periode van 2008 tot en met 2011 is er vanuit het Rijk een budget toegekend voor de aanpak van radicalisering en polarisatie. Bij afronding van deze periode bleek (aan de hand van een monitor die was opgesteld) dat in Zoetermeer geen sprake was van radicalisering en polarisatie op brede schaal; dit in tegenstelling tot een paar jaar daarvoor waar met name extreem rechts frequent in het straatbeeld te zien was. Deze constatering leidde ertoe dat vanaf 2012 het reguliere veiligheid-, integratie- en jeugdbeleid voldoende werd geacht. Een aparte aanpak aangaande radicalisering en polarisatie was niet nodig.

Wel werd van belang geacht dat de gemeente de ontwikkelingen (op laagdrempelige manier) blijft monitoren. Om deze reden is Bureau Discriminatiezaken gevraagd een format te ontwikkelen voor een ‘quickscan’. Deze is ontwikkeld en aan de hand hiervan zijn in februari 2013 professionals (politie, jongerenwerk, veiligheidscoördinatoren op scholen, wijkmanagers, beleidsbetrokkenen) via een enquête bevraagd hun visie rondom het onderwerp kenbaar te maken.

Onderstaand geven we een korte weergave van de bevindingen uit de quickscan. Hierbij benadrukken wij dat de enquête aan de professionals is voorgelegd, voordat er sprake was van landelijke media aandacht rondom het fenomeen ‘Syriëgangers’. Door deze ontwikkeling sturen we deze resultaten van de quick scan met enige vertraging. Dit biedt ons de mogelijkheid om gelijktijdig via een complementair memo (memo: Syriëgangers) aan te kunnen geven op welke wijze de gemeente omgaat met dit fenomeen.

Resultaten quickscan
Over de vraag of en zo ja in welke mate er in Zoetermeer sprake is van polarisatie en radicalisering1 zijn de meningen van de ondervraagde professionals verdeeld. Bijna een derde zegt polarisatie waar te nemen en ruim een vijfde neemt radicalisering waar. De respondenten die polarisatie en/of radicalisering waarnemen, geven wel aan deze als ten minste ‘enigszins’ zorgwekkend in te schatten. 

In Zoetermeer zijn de ‘Lonsdalejongeren’ die een aantal jaren geleden voor veel ophef zorgden, uit beeld verdwenen. De aandacht is de laatste jaren verschoven van extreem-rechts naar Islamitisch radicalisme. 

Dit komt enerzijds door het uit beeld verdwijnen van de ‘Lonsdalejongeren’ en anderzijds door het nadrukkelijker in beeld verschijnen van orthodoxe moslims. Ook landelijke beeldvorming is hierbij van belang.

Uit de enquête onder professionals komt naar voren dat, voor zover er voorbeelden van radicalisering en polarisatie genoemd worden, die vooral met de Islam te maken hebben. Enerzijds gaat het dan om gemengde gevoelens tegenover de Islam die leven onder de autochtone bevolking en anderzijds om (mogelijke) problemen met radicale en/of orthodoxe moslims.

In meer algemene zin worden (grotere) tegenstellingen tussen autochtonen en allochtonen genoemd als mogelijk probleem. Het gaat dan vooral om jongeren. Concentratie en segregatie in het onderwijs worden ook genoemd.

Het blijft moeilijk om op basis van de beschikbare gegevens harde uitspraken te doen, maar het beeld dat uit de quickscan naar voren komt, komt in grote lijnen neer op het volgende: er zijn signalen die op (toenemende) polarisatie en radicalisering kunnen wijzen, maar er lijkt vooralsnog geen sprake van een groot of onbeheersbaar probleem. Er zijn af en toe incidenten die met polarisatie en radicalisering te maken (kunnen) hebben, maar de afgelopen jaren is geen sprake geweest van een duidelijke toename of afname van dergelijke incidenten. Zoetermeer lijkt daar waar het om orthodoxe en/of radicale Islamitische ontwikkelingen gaat, niet af te wijken van de landelijke trend. Met andere woorden: er is geen reden voor paniek, maar waakzaamheid blijft geboden.

Resultaten quickscan en de verhouding tot huidige ontwikkelingen rondom Syriëgangers 
De bevindingen uit de quickscan vertellen ons dat er geen reden is tot paniek. Dat was de stand van zaken vóórdat de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) op 13 maart jl. het dreigingsniveau naar aanleiding van onder meer de Syriëgangers verhoogde. De opkomst van het fenomeen ‘Syriëgangers’ is een ontwikkeling die ons (evenals andere steden in Nederland en Europa) bezighoudt en zorgen baart. Enerzijds sluit dit aan bij de bevindingen van de quick scan (immers als er al zorgen waren, dan betroffen die een mogelijke Islamitische radicalisering). Anderzijds was een ontwikkeling zoals we die momenteel waarnemen niet voorzien. Vandaar dat er in de quickscan ook niet is verwezen naar het fenomeen van de Syriëgangers. -

Ook volgens specialisten rondom dit onderwerp is de snelheid waarmee het verschijnsel van de Syriëgangers is opgekomen uitzonderlijk. Het duurt doorgaans lange tijd/enkele jaren voordat personen daadwerkelijk bereid zijn naar het buitenland af te reizen om te gaan ‘strijden’. In tegenstelling tot de huidige ontwikkelingen waarbij vooral jonge moslims slechts in enkele maanden bereid zijn om in Syrië te gaan ‘strijden’.

De komende tijd 
Aandacht rondom radicalisering en polarisatie blijft de komende tijd vooral gericht op het fenomeen Syriëgangers. De meest recente signalen en waarnemingen met betrekking tot Islamitische radicalisering (van ná de quickscan) vereisen een zorgvuldige monitoring. De gemeente en politie houden de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten. Ook zijn er contacten met omliggende gemeenten en met het ministerie van V&J, de AIVD en de NCTV

Andere uitingsvormen van radicalisering, zoals links-extremisme en rechts-extremisme, lijken niet van zorgwekkende aard. Wel is alertheid geboden op een mogelijke ‘tegenbeweging’ vanaf rechtse kant. De quickscan kan op ieder moment weer ingezet worden om te monitoren.

NOS NIEUWS

OMROEP WEST

RTL Nieuws