Gedurende de periode van 2008 tot en met 2011 is er vanuit het Rijk een budget toegekend voor
de aanpak van radicalisering en polarisatie. Bij afronding van deze periode bleek (aan de hand
van een monitor die was opgesteld) dat in Zoetermeer geen sprake was van radicalisering en
polarisatie op brede schaal; dit in tegenstelling tot een paar jaar daarvoor waar met name
extreem rechts frequent in het straatbeeld te zien was. Deze constatering leidde ertoe dat vanaf
2012 het reguliere veiligheid-, integratie- en jeugdbeleid voldoende werd geacht. Een aparte
aanpak aangaande radicalisering en polarisatie was niet nodig.
Wel werd van belang geacht dat de gemeente de ontwikkelingen (op laagdrempelige manier) blijft
monitoren. Om deze reden is Bureau Discriminatiezaken gevraagd een format te ontwikkelen
voor een ‘quickscan’. Deze is ontwikkeld en aan de hand hiervan zijn in februari 2013
professionals (politie, jongerenwerk, veiligheidscoördinatoren op scholen, wijkmanagers,
beleidsbetrokkenen) via een enquête bevraagd hun visie rondom het onderwerp kenbaar te
maken.
Onderstaand geven we een korte weergave van de bevindingen uit de quickscan. Hierbij
benadrukken wij dat de enquête aan de professionals is voorgelegd, voordat er sprake was van
landelijke media aandacht rondom het fenomeen ‘Syriëgangers’. Door deze ontwikkeling sturen
we deze resultaten van de quick scan met enige vertraging. Dit biedt ons de mogelijkheid om
gelijktijdig via een complementair memo (memo: Syriëgangers) aan te kunnen geven op welke
wijze de gemeente omgaat met dit fenomeen.
Resultaten quickscan
Over de vraag of en zo ja in welke mate er in Zoetermeer sprake is van polarisatie en
radicalisering1 zijn de meningen van de ondervraagde professionals verdeeld. Bijna een derde
zegt polarisatie waar te nemen en ruim een vijfde neemt radicalisering waar. De respondenten
die polarisatie en/of radicalisering waarnemen, geven wel aan deze als ten minste ‘enigszins’
zorgwekkend in te schatten.
In Zoetermeer zijn de ‘Lonsdalejongeren’ die een aantal jaren geleden voor veel ophef zorgden,
uit beeld verdwenen. De aandacht is de laatste jaren verschoven van extreem-rechts naar
Islamitisch radicalisme.
Dit komt enerzijds door het uit beeld verdwijnen van de ‘Lonsdalejongeren’ en anderzijds door het
nadrukkelijker in beeld verschijnen van orthodoxe moslims. Ook landelijke beeldvorming is hierbij
van belang.
Uit de enquête onder professionals komt naar voren dat, voor zover er voorbeelden van
radicalisering en polarisatie genoemd worden, die vooral met de Islam te maken hebben.
Enerzijds gaat het dan om gemengde gevoelens tegenover de Islam die leven onder de
autochtone bevolking en anderzijds om (mogelijke) problemen met radicale en/of orthodoxe
moslims.
In meer algemene zin worden (grotere) tegenstellingen tussen autochtonen en allochtonen
genoemd als mogelijk probleem. Het gaat dan vooral om jongeren. Concentratie en segregatie in
het onderwijs worden ook genoemd.
Het blijft moeilijk om op basis van de beschikbare gegevens harde uitspraken te doen, maar het
beeld dat uit de quickscan naar voren komt, komt in grote lijnen neer op het volgende: er zijn
signalen die op (toenemende) polarisatie en radicalisering kunnen wijzen, maar er lijkt vooralsnog
geen sprake van een groot of onbeheersbaar probleem. Er zijn af en toe incidenten die met
polarisatie en radicalisering te maken (kunnen) hebben, maar de afgelopen jaren is geen sprake
geweest van een duidelijke toename of afname van dergelijke incidenten. Zoetermeer lijkt daar
waar het om orthodoxe en/of radicale Islamitische ontwikkelingen gaat, niet af te wijken van de
landelijke trend. Met andere woorden: er is geen reden voor paniek, maar waakzaamheid blijft
geboden.
Resultaten quickscan en de verhouding tot huidige ontwikkelingen rondom Syriëgangers
De bevindingen uit de quickscan vertellen ons dat er geen reden is tot paniek. Dat was de stand
van zaken vóórdat de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) op 13
maart jl. het dreigingsniveau naar aanleiding van onder meer de Syriëgangers verhoogde. De
opkomst van het fenomeen ‘Syriëgangers’ is een ontwikkeling die ons (evenals andere steden in
Nederland en Europa) bezighoudt en zorgen baart. Enerzijds sluit dit aan bij de bevindingen van
de quick scan (immers als er al zorgen waren, dan betroffen die een mogelijke Islamitische
radicalisering). Anderzijds was een ontwikkeling zoals we die momenteel waarnemen niet
voorzien. Vandaar dat er in de quickscan ook niet is verwezen naar het fenomeen van de Syriëgangers.
-
Ook volgens specialisten rondom dit onderwerp
is de snelheid waarmee het verschijnsel van de
Syriëgangers is opgekomen uitzonderlijk. Het duurt doorgaans lange tijd/enkele jaren voordat
personen daadwerkelijk bereid zijn naar het buitenland af te reizen om te gaan ‘strijden’. In
tegenstelling tot de huidige ontwikkelingen waarbij vooral jonge moslims slechts in enkele
maanden bereid zijn om in Syrië te gaan ‘strijden’.
De komende tijd
Aandacht rondom radicalisering en polarisatie blijft de komende tijd vooral gericht op het
fenomeen Syriëgangers. De meest recente signalen en waarnemingen met betrekking tot
Islamitische radicalisering (van ná de quickscan) vereisen een zorgvuldige monitoring. De
gemeente en politie houden de ontwikkelingen nauwlettend in de gaten. Ook zijn er contacten
met omliggende gemeenten en met het ministerie van V&J, de AIVD en de NCTV
Andere uitingsvormen van radicalisering, zoals links-extremisme en rechts-extremisme, lijken niet
van zorgwekkende aard. Wel is alertheid geboden op een mogelijke ‘tegenbeweging’ vanaf
rechtse kant.
De quickscan kan op ieder moment weer ingezet worden om te monitoren.
donderdag 26 september 2013
Radicale moslims in Zoetermeer
donderdag, september 26, 2013
Moderator

